Ik sluip bijna naar binnen. ‘Sorry ik weet dat je bezoekt hebt, maar ik heb al jouw post.’
‘Al mijn post?’
Ik druk Samantha de stapel in haar handen. ‘Al jouw post.’
‘Vreemd.’
‘Tja.’ ik kijk om me heen. Paddy ligt chagrijnig vanaf het hoogste punt in de krabpaal te kijken naar de kitten die zijn territorium sinds gisteren heeft overgenomen. Hij is not amused, maar laat zich wel aaien en geeft een kopje.

‘Paddy boos?’
‘Paddy is gewoon vastgeroest.’ antwoordt Samantha.
‘Sorry.’ besef ik ineens hardop. Samantha heeft bezoek. Ik steek mijn hand uit. ‘Jacky. En ik zal jullie met rust laten.’
‘Heb je het trouwens leuk gehad gisteravond?’ vraagt Samantha.
Ik denk na. Wat heb ik gisteravond gedaan dat leuk moest zijn? ‘Oh de horrorfilmavond! Ja! Was leuk. Met Sikke en Tim. De films waren matig.’
‘Jammer!’
‘Achja. Je kunt niet alles hebben.’
Samantha en haar bezoek lachen.

In mijn eigen woonkamer blijf ik stilstaan. Ik weet niet goed waarom ze lachten. Soms kun je gewoon niet alles hebben. Maar vandaag ging ik de post van mijn buurvrouw brengen, terwijl ik wist dat er ook iemand anders was.

Op sociaal gebied kan ik nu bijna alles.